Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak.
Stel de parkeerrem in werking.
Zet de motor af.
Koppel de bougiekabel af van de bougie; raadpleeg de Gebruikershandleiding van uw machine.
Benodigde onderdelen voor deze stap:
| Nabijheidssensor | 1 |
| Dubbelzijdige schroef | 2 |
| Flensmoer (¼") | 2 |
| Vergrendelmodule | 1 |
| Zeskantbout (3/8") | 2 |
Raadpleeg Figuur 3 voor deze procedure.

Verwijder de inbusschroeven van het afstandsstuk op de bedieningsas.
Gebruik twee dubbelzijdige schroeven en 2 flensmoeren (¼") om de nabijheidssensor te monteren op het afstandsstuk op de bedieningsas.
Draai de schroeven en moeren vast met een torsie van 9 tot 12 N·m.
Gebruik 2 zeskantbouten (3/8 inch) om de vergrendelmodule te monteren aan de kabeldoorvoer (Figuur 4).

Benodigde onderdelen voor deze stap:
| Kabelboom | 1 |
U sluit de kabelboom als volgt aan:
Uiteinde van kabelboom met connector met 6 contacten: aansluiten op de vergrendelmodule.
Uiteinde van kabelboom met de aanduiding : aansluiten op de connector van de nabijheidssensor.
Uiteinde van kabelboom met de aanduiding : aansluiten op het uiteinde van de machinekabelboom met de aanduiding TO INTERLOCK MODULE.
Raadpleeg de afbeeldingen in Het bedieningsdeksel verwijderen voor deze procedure.
Gebruik de eerder verwijderde schroeven om het bedieningsdeksel te monteren.
Sluit de kabelboomaansluiting aan op de urenteller.
Benodigde onderdelen voor deze stap:
| Aandrijfspil | 1 |
| Afdichting | 1 |
Verwijder de plug van de bovenkant van de messenkooiaandrijving (Figuur 5).

Verwijder de 3 bouten waarmee de kap is bevestigd aan de messenkooiaandrijving en verwijder de kap van de messenkooiaandrijving (Figuur 6).

Zorg ervoor dat de aandrijfpoelie niet kan bewegen en verwijder de moer van de aandrijfas van de messenkooi (Figuur 7).

Zorg ervoor dat de aandrijfpoelie niet kan bewegen en monteer de aandrijfspil op de aandrijfas van de messenkooi (Figuur 8).

Zorg ervoor dat de aandrijfpoelie niet kan bewegen en draai de aandrijfspil vast met een torsie van 37 tot 44 N·m.
Smeer de lip van de kap van de messenkooiaandrijving en druk de afdichting gelijk met de kap (Figuur 9).

Monteer de kap op de messenkooiaandrijving met de bouten die u hebt verwijderd in stap 2; raadpleeg Figuur 6.
Benodigde onderdelen voor deze stap:
| Palmechanisme van bedieningsstang | 1 |
| Knop | 1 |
| Asvergrendelingsbeugel | 1 |
| Transportwielset (afzonderlijk bestellen; neem contact op met uw erkende Toro verdeler) | 1 |
Sluit de bougiekabel aan op de bougie; raadpleeg de Gebruikershandleiding van uw machine.
Verzamel alle resterende losse onderdelen (d.w.z. het palmechanisme van de bedieningsstang, de knop en de asvergrendelingsbeugel) en de transportwielen voor gebruik in De maai-eenheid wetten.
Zet de kickstandaard in de ONDERHOUDSSTAND VAN DE TRANSPORTWIELEN; raadpleeg de Gebruikershandleiding van uw machine.
Let op de stand van de tractietrommel (raadpleeg de Gebruikershandleiding van uw machine) en monteer de asvergrendelingsbeugel als volgt aan de linker as:
Trommel ingesteld op de LAGE stand: schuif de beugel over de as met het kortere uitsteeksel naar de machine toe gericht.
Trommel ingesteld op de HOGE stand: schuif de beugel over de as met het langere uitsteeksel naar de machine toe gericht (zoals getoond in Figuur 10).

Monteer de transportwielen op de rechter wielas en de aandrijfspil; raadpleeg Figuur 11.

Verwijder de koppeling van de aandrijfas van de transmissie en stel de messenkooiaandrijving af om ervoor te zorgen dat de wielen contact maken; raadpleeg het hoofdstuk over onderhoud van de maai-eenheid van de Gebruikershandleiding van uw machine.
Monteer de knop over het wiel op de aandrijfspil (Figuur 11).
Contact met de messenkooi of andere bewegende onderdelen kan lichamelijk letsel veroorzaken.
Blijf op een afstand van de messenkooi tijdens het wetten.
Gebruik bij het wetten geen borstel met een korte steel. Een borstel en steel (onderdeelnr. 29-9100) zijn verkrijgbaar bij uw erkende Toro verdeler.
Start de motor; raadpleeg de Gebruikershandleiding van uw machine.
Schakel de tractieaandrijving als volgt in:
Machines uitgerust met de koppelingsstang: schakel de koppelingsstang in en monteer het palmechanisme van de bedieningsstang (Figuur 12).

Machines uitgerust met de tractiehendelset: zet de tractiehendel naar beneden naar de stand INGESCHAKELD; raadpleeg de Montage-instructies van de set.
Gebruik een borstel met lange steel om wetpasta aan te brengen op de roterende messenkooi.
Als u klaar bent met wetten en de messenkooi beweegt niet, moet u als volgt te werk gaan:
Vijl de voorkant van het ondermes bij.
Note: Hiermee verwijdert u bramen of ruwe randen die kunnen zijn ontstaan op de snijrand.
Verwijder het palmechanisme van de bedieningsstang en de asvergrendelingsbeugel.
Lijn de aandrijving van de messenkooi uit met de aandrijfas van de transmissie en monteer de koppeling van de messenkooiaandrijving aan de aandrijfas; raadpleeg het hoofdstuk over onderhoud van de maai-eenheid van de Gebruikershandleiding van uw machine.