Installatie

De machine voorbereiden

Waarschuwing

Als u hete, onder druk staande koelvloeistof over u heen krijgt of in aanraking komt met een hete radiateur of omliggende delen, kunt u ernstige brandwonden oplopen.

Laat altijd de motor volledig afkoelen voordat u werkzaamheden uitvoert aan het koelsysteem.

  1. Parkeer de machine op een horizontaal vlak en stel de parkeerrem in werking.

  2. Breng de maai-eenheden omlaag.

  3. De motor af te zetten en het sleuteltje te verwijderen.

  4. Wacht totdat alle bewegende onderdelen tot stilstand zijn gekomen.

  5. Ontgrendel en open de motorkap.

  6. Laat de motor en de radiateur volledig afkoelen.

De toestand van de drijfriem controleren

Controleer de conditie van de riem. Is de riem beschadigd of versleten, bestel dan een nieuwe.

Note: Bij de montage van de ventilator met afstandsstuk gaat u de riem verwijderen en opnieuw monteren.

De onderdelen van de radiateur verwijderen

Het reservoir voor de koelvloeistof verwijderen

  1. Verwijder de slangklem en slang van de fitting in het buisje van de radiateurdop (Figuur 1).

    g357839
  2. Verwijder de 2 flenskopschroeven (5/16" x ¾") en 2 flensborgmoeren (5/16") waarmee de beugel van het koelreservoir bevestigd is aan het radiateurframe en het scherm, en neem het reservoir van de machine.

De koppelingsmoer van de ventilator losmaken

  1. Zet de moer met vrij draaiende ring waarmee de ventilatorkoppeling bevestigd is aan de bout van de waterpomp los; gebruik hiervoor een ringsleutel (Figuur 2).

    Note: U mag de moer niet verwijderen.

    g357828
  2. Draai aan de poeliebout van de krukas (Figuur 3) om de moer met vrij draaiende ring te verplaatsen en comfortabel te kunnen werken.

    g357835
  3. Zet de moer met vrij draaiende ring los waarmee de koppeling aan de bout is bevestigd.

  4. Herhaal stap 2 en 3 voor de andere 2 moeren met vrij draaiende ring.

Het luchtfilterkanaal loskoppelen

  1. Verwijder de 2 slangklemmen waarmee het kanaal tussen de ingang van het luchtfilter en de flens van het ventilatorscherm bevestigd is, en neem het kanaal van de machine (Figuur 4).

    g357829
  2. Verwijder de 5 flenskopschroeven (5/16" x 1¼") en 5 flensborgmoeren (5/16") waarmee het radiateurscherm bevestigd is aan de bovenkant van het radiateurframe (Figuur 5).

    g357833

De bovenste radiateurslang afkoppelen

  1. Verwijder de slangklem waarmee de bovenste radiateurslang bevestigd is aan de ingang van de radiateur (Figuur 6).

    g357837
  2. Zet een opvangbak onder de radiateurslang.

  3. Maak de slang los van de ingang, leg de slang in de opvanbak, en laat de koelvloeistof uitlopen.

  4. Sluit het uiteinde van de slang en de ingang van de radiateur aan.

  5. Verbind de bovenste radiateurslang met de steun van het luchtfilter (Figuur 7).

    g357853

Het radiateurscherm plaatsen

  1. Verwijder aan de linkerkant van de machine de flenskopschroef (5/16" x ¾") en flensborgmoer (5/16") waarmee het ventilatorscherm bevestigd is aan het radiateurframe (Figuur 8).

    g357831
  2. Verwijder de flensborgmoer (5/16") waarmee het ventilatorscherm bevestigd is aan de bout van de radiateur.

  3. Verwijder aan de rechterkant van de machine de 3 flenskopschroeven (5/16" x ¾") en 3 flensborgmoeren (5/16") waarmee het ventilatorscherm bevestigd is aan het radiateurframe (Figuur 9).

    g357832
  4. Verwijder de flensborgmoer (5/16") waarmee het ventilatorscherm bevestigd is aan de bout van de radiateur.

  5. Verwijder de slangklem van de onderste radiateur (Figuur 9).

    Important: Verbreek de dichting tussen de slang en de uitgang van de radiateur niet.

    g357865
  6. Verplaats het radiateurscherm voorzichtig voorwaarts, naar de buigstraal van de slang.

  7. Monteer en bevestig de slangklem die u verwijderd hebt in stap 5 op de onderste radiateurslang.

De ventilator en koppeling verwijderen

Benodigde onderdelen voor deze stap:

Vlak stuk karton van ongeveer 53 x 63 cm – afzonderlijk verkrijgbaar
Dopsleutel voor bout van 6 mm – afzonderlijk verkrijgbaar
  1. Steek het vlakke stuk karton tussen de radiateur en de ventilator (Figuur 11).

    g357836
  2. Zet het radiateurscherm naar achteren.

  3. Ondersteun de ventilator en de koppeling terwijl u de 4 moeren met vrij draaiende ring en 4 platte ringen verwijdert waarmee de koppeling aan de bouten of de waterpomp is bevestigd (Figuur 12).

    g357827
  4. Verwijder de ventilator en koppeling van de bouten van de waterpomp, en til de ventilator en koppeling tussen het scherm en de radiateur (Figuur 13).

    Note: Gooi de moeren met vrij draaiende ring, de ringen en de ventilator en koppeling weg.

    g357830

De riem, waterpomppoelie en bouten verwijderen.

De riem en de waterpomppoelie verwijderen

  1. Zet het radiateurscherm naar achteren.

  2. Zet de bout los waarmee de dynamo bevestigd is aan de sleuf in de spanbeugel (Figuur 14), en zet de dynamo naar binnen.

    g357826
  3. Verwijder de bout en waterpomppoelie van de motor (Figuur 15).

    g357852

De waterpompbouten verwijderen

  1. Hou 2 van de waterpompbouten tegen met een koevoet, en gebruik een dopsleutel van 6 mm en een wringijzer om 2 waterpompbouten te verwijderen (Figuur 16).

    Note: In de fabriek worden de bouten gemonteerd met sterk schroefdraadborgmiddel. Verhit de bout indien nodig met een soldeerlamp alvorens de bout te verwijderen met de dopsleutel.

    Important: De flens van de waterpompas mag u niet verhitten; anders kan de dichting van de waterpomp beschadigd raken.

    g357834
  2. Schroef een meegeleverde inbusbout (6 x 30 mm) volledig in de flens van de waterpompas (Figuur 16).

    g357876
  3. Hou 2 van de waterpompbouten en inbusbouten tegen met een koevoet, en gebruik de dopsleutel en een wringijzer om een waterpompbout te verwijderen.

  4. Schroef nog een inbusbout (6 x 30 mm) volledig in de flens van de pompas.

  5. Gebruik de koevoet, de dopsleutel en het wringijzer om de waterpompbout te verwijderen.

  6. Verwijder de 2 inbusbouten van de flens van de pompas.

De ventilator en het afstandsstuk monteren

Benodigde onderdelen voor deze stap:

Ventilator1
Afstandsstuk1
Inbusbout (6 x 30 mm)4
Ring4

De riem en de waterpomppoelie monteren

  1. Monteer de riem over de waterpompbehuizing (Figuur 18).

    g357880
  2. Breng de openingen in de waterpomppoelie op een lijn met de openingen in de flens van de waterpompas, en monteer de poelie op de flens.

  3. Zet het radiateurscherm naar voren.

De ventilator en het afstandsstuk monteren

  1. Zorg dat de openingen in het afstandsstuk op een lijn liggen met de openingen in de ventilator (Figuur 19).

    g357883
  2. Breng een inbusbout (6 x 30 mm) en ring aan door de ventilator en het afstandsstuk.

  3. Laat de ventilator en koppeling zakken tussen het scherm en de radiateur (Figuur 20).

    g357879
  4. Breng de openingen in de ventilator en het afstandsstuk op een lijn met de openingen in de waterpomppoelie en de flens van de waterpompas (Figuur 21).

    g357882
  5. Schroef de inbusbout (6 x 30 mm) in de flens van de pompas.

  6. Breng de overige 3 inbusbouten en ringen aan door de ventilator, het afstandsstuk, de poelie en de flens van de pompas (Figuur 22).

    g357881
  7. Hou de waterpomppoelie tegen met een bandsleutel en draai de inbusbouten aan met 23 tot 29 N∙m.

  8. Verwijder het vlakke stuk karton van de radiateur en de ventilator.

    g357884

De riem monteren

  1. Zet het radiateurscherm naar achteren.

  2. Leid de riem in de groeven van de poelies van de waterpomp, de krukas en de dynamo (Figuur 24).

    g357826
  3. Span de riem aan en draai de bout vast waarmee de dynamo aan de dynamobeugel zit.

Het radiateurscherm plaatsen

Het radiateurscherm plaatsen

  1. Zet het radiateurscherm naar voren.

  2. Verwijder aan de rechterkant van de machine de slangklem van de onderste radiateur (Figuur 25).

    Important: Verbreek de dichting tussen de slang en de uitgang van de radiateur niet.

    g357908
  3. Zet het radiateurscherm voorzichtig naar achteren, tegen het radiateurframe.

  4. Monteer losjes de 3 flenskopschroeven (5/16" x ¾") en 3 flensborgmoeren (5/16") waarmee het ventilatorscherm bevestigd is aan het radiateurframe (Figuur 24).

    g357832
  5. Monteer losjes de flensborgmoer (5/16") waarmee het ventilatorscherm bevestigd is aan de bout van de radiateur.

  6. Monteer en bevestig de slangklem die u verwijderd hebt in stap 2 op de onderste radiateurslang (Figuur 27).

    g357907

Het radiateurscherm plaatsen

  1. Aan de linkerkant van de machine monteert u losjes de onderste flenskopbout (5/16" x ¾") en flensborgmoer (5/16") waarmee het ventilatorscherm bevestigd is aan het radiateurframe (Figuur 26).

    g357831
  2. Monteer losjes de flensborgmoer (5/16") waarmee het ventilatorscherm bevestigd is aan de bout van de radiateur.

  3. Monteer losjes de 5 flenskopschroeven (5/16" x 1¼") en 5 flensborgmoeren (5/16") waarmee het radiateurscherm bevestigd is aan de bovenkant van het radiateurframe (Figuur 29).

    g357833
  4. Draai alle flenskopschroeven en flensborgmoeren vast waarmee het ventilatorscherm bevestigd is.

Het luchtfilterkanaal monteren

  1. Monteer het luchtfilterkanaal en de slangklem op de ingang van het luchtfilter (Figuur 30).

    g357829
  2. Monteer het luchtfilterkanaal en de slangklem op de flens van het ventilatorscherm.

  3. Zet de slangklemmen vast.

De onderdelen van de radiateur plaatsen

De bovenste radiateurslang monteren

  1. Maak de bovenste radiateurslang los van het luchtfilter.

  2. Verwijder de einddoppen van de radiateurslang en de ingang van de radiateur.

  3. Monteer de bovenste radiateurslang met een slangklem op de ingang van de radiateur (Figuur 31).

    g357885
  4. Zet de slangklem vast.

Het reservoir voor de koelvloeistof monteren

  1. Lijn de openingen in de beugel van het koelreservoir uit met de openingen in het radiateurframe en het scherm (Figuur 32).

    g357839
  2. Bevestig de reservoirbeugel aan het frame en het scherm met de 2 flenskopschroeven (5/16" x ¾") en 2 flensborgmoeren (5/16").

  3. Monteer de reservoirslang met de klem op de fitting in het buisje van de radiateurdop.

De montage van de set afronden

  1. Verwijder de radiateurdop en controleer het koelvloeistofpeil. Voeg indien nodig koelvloeistof bij; zie de aanbevolen koelvloeistof in de Gebruikershandleiding van uw machine.

  2. Start de motor en controleer of er koelvloeistof lekt.

    Note: Herstel eventuele koelvloeistoflekken.

  3. Zet de motor af en verwijder het sleuteltje.

  4. Sluit en vergrendel de motorkap.